Dorus Broeks met één van zijn zoons op de plek waar de Messerschmitt van het type Bf 109G-6 werd geborgen (bron: gemeente Dalfsen)

MILLINGEN (DALFSEN) – In het kader van het Nationaal Programma Berging Vliegtuigwrakken maakten de bergingsdienst van de Koninklijke Luchtmacht, de Bergings- en Identificatiedienst van de Koninklijke Landmacht en de Explosieve Opruimingsdienst Defensie deze maand in het buurtschap Millingen een begin met de berging van de Duitse Messerschmitt. Het toestel werd zondag 30 januari 1944 neergehaald tijdens hevige luchtgevechten tussen geallieerden en Duitsers aan de oostgrens van Nederland. De toen vierentwintigjarige Dorus Broeks was ooggetuige van de crash. Inmiddels is de inwoner van Hoonhorst 100 jaar. Met één van zijn zoons bracht hij een bezoek aan de plek van de berging.

De piloot van het eenmotorige jachtvliegtuig kon zich die bewuste zondag in 1944 niet in veiligheid brengen met zijn parachute en vond zijn Waterloo in Millingen. Zijn stoffelijke resten worden onderzocht door de Bergings- en Identificatiedienst van de Koninklijke Landmacht zodat aan de hand van onder meer DNA, persoonlijke bezittingen, vluchtgegevens en nummers op vliegtuigonderdelen de identiteit kan worden vastgesteld.

In ons land liggen nog ongeveer vijftig vliegtuigwrakken uit de Tweede Wereldoorlog in de bodem, zeer waarschijnlijk met stoffelijke resten aan boord. Het doel van het Nationaal Programma Berging Vliegtuigwrakken, dat in 2019 begon, is vooral bedoeld om de nabestaanden van nog steeds vermiste vliegers mogelijk zekerheid te geven over het lot van hun familielid. Dan is de cirkel rond. Dat is waar het om gaat.