REGIO – De heidevelden in het Vechtdal staan prachtig in bloei: een paarse zee van bloemen. Maar achter dit mooie plaatje schuilt kwetsbare natuur die veel zorg nodig heeft.

Struikheide groeit op arme zandgrond, waar normaal weinig andere planten overleven. Vroeger werden de heidevelden begraasd door schapen en geiten. Zij zorgden ervoor dat het heideveld niet overwoekerd raakte, door de opkomende boompjes op te eten. Helaas is het tegenwoordig niet meer zo eenvoudig, vertelt oud-boswachter Arend Spijker.

Intensief beheer

“Door de hoge hoeveelheid stikstof in de lucht groeien er tegenwoordig sneller grassen en boompjes tussen de heidestruiken,” legt hij uit. “Als daar niets aan gedaan wordt, verandert de heide binnen twintig jaar in bos.” Daarom worden de jonge boompjes weggehaald. “Soms doen we dat met de hand, maar op de grote heidevelden is dat niet meer te doen. Nu worden er ook machines ingezet.”

Spijker werkte jarenlang als boswachter bij Staatsbosbeheer en is onder andere voorzitter van stichting Das en Vecht en bestuurslid van de vereniging Natuur en Milieu Vechtstreek. Hij legt uit waarom het beheer van de heidevelden belangrijk is: “Het onderhouden van heidevelden kost veel tijd en energie, maar we doen het niet alleen omdat het er mooi uitziet. Het heideveld biedt ook leefruimte voor zeldzame plantjes, insecten en vogels.”

Zeldzame vlinders

Een van de planten die vooral in de nattere heide groeit, is de klokjesgentiaan. Een zeldzaam plantje waar een bijzondere vlinder van afhankelijk is: het gentiaanblauwtje. “De vlinder wordt grootgebracht door mieren,” vertelt Spijker.

De rupsen van deze vlinder kunnen zich alleen voeden met de bloemen van de klokjesgentiaan. Nadat de rups van de plant heeft gegeten, laat hij zich op de grond vallen, waar hij wordt opgepikt door een mier. De mier verwart de rups met een eigen larve en brengt hem mee naar het mierennest, waar de jonge rups wordt gevoed en verzorgd. Een bijzondere samenwerking tussen plant, vlinder en mier. “We hebben ze nog in Nederland, maar ze zijn wel heel zeldzaam. En dit is maar één voorbeeld van bijzondere planten en dieren die hier leven. Helaas zijn er al veel verdwenen.”

Comeback van de nachtzwaluw

Door de heide meer open te houden krijgt ook een vogel als de nachtzwaluw meer kans. Deze mysterieuze vogel broedt namelijk op een kaal plekje tussen de heide. Het aantal broedparen lijkt steeds meer toe te nemen. Sinds 1990 groeit het aantal broedparen van deze soort. De positieve trend is waarschijnlijk het gevolg van steeds beter heidebeheer.

Wie de paarse heide zelf wil zien, kan nog even genieten op plekken zoals de Lemelerberg, de Archemerberg en de Sahara van Ommen. De struikheide is begin augustus begonnen met bloeien en dat duurt meestal tot half september, afhankelijk van het weer. “We zijn nu een beetje over het hoogtepunt heen,” zegt Spijker, “maar het ziet er nog steeds prachtig uit.”

  • Bron: RTV Vechtdal
Tekst Kars Janssen
Vorige